maandag 27 januari 2014

In memoriam: Jasper Cummeh



Eergisteren, zaterdag 25 januari, werd ik –opnieuw- opgeschrikt door een sterfgeval van een Liberiaanse kennis. Ditmaal was het Jasper Cummeh, de drijvende kracht achter AGENDA:  Action for Genuine Democratic Alternatives.
Een Liberiaanse NGO, die  –in hun eigen woorden- de volgende doelstellingen heeft:
· To promote democratic dialogues in public policy making;
· To build civil society and media capacity in holding government accountable, vice versa;
· To campaign for citizens' economic and socials rights;
· To build private sector capacity, with emphasis on informal sector development.

Open Budget

Jasper was het gezicht van AGENDA. Hij vervulde een belangrijke rol in het door vele internationale organisaties gesteunde onderzoek naar de corruptie in de Liberiaanse samenleving. Dit leidde tot een geruchtmakend rapport dat een half jaar geleden werd gepubliceerd, waaruit bleek dat de politie de meest corrupte instantie van het land was. Hij was actief in ‘Open Budget’ een wereldwijde organisatie, die ijvert voor overheidsbegrotingen die helder, eerlijk en controleerbaar bijdragen aan de sociale ontwikkeling van een derde wereld land.

Jasper Cummeh
Jasper deed ook af en toe een klus voor NDI. Zo trainde hij de staf van het parlement in het schrijven van beleidsstukken en concept-wetten. En de laatste weken adviseerde hij de belangengroepen, die door NDI worden ondersteund, hoe zij effectief een wetsvoorstel kunnen doorgronden en kunnen lobbyen voor aanpassingen. Afgelopen vrijdag zou hij een vergadering leiden van één van die groepen, het CSO Consortium on Natural Resources Management. Hij belde af omdat hij zich niet goed voelde: te hoge bloeddruk. Zaterdagochtend werd hij dodelijk getroffen door een beroerte.
Jasper Cummeh was een rustige, innemende man met een scherpe geest die altijd de juiste toon wist te vinden om zijn publiek, toehoorders en leerlingen te boeien. Het is een groot verlies voor Liberia, dat deze integere autoriteit op het gebied van ‘goed bestuur’ is overleden. Op een veel te jonge leeftijd: ik schat hem rond de 45 jaar.

Malaria

Het is veelzeggend en schokkend te moeten meemaken hoe veel mensen er op relatief jonge leeftijd, tussen de dertig en vijftig jaar, in Liberia sterven. Natuurlijk, het is een van de armste landen ter wereld. En dat betekent een slechte gezondheidszorg, erbarmelijk onderwijs, ongezond eten, deplorabele woonomstandigheden enz. Kille cijfers laten dat zien. De gemiddelde leeftijd is 57 jaar, het gemiddeld jaarinkomen per hoofd van de bevolking is 585 dollar, 73% van de vrouwen en 40% van de mannen boven de 15 jaar is analfabeet enz. Zie hier voor o.a. de WHO- en  UNICEF-statistieken. Sommige cijfers zijn gedateerd, maar in grote lijnen is het beeld onveranderd.
Arme mensen lopen een groter risico jonger te sterven, zoals veel onderzoek uitwijst. Dat geldt niet alleen voor Afrika, ook uit Amsterdams onderzoek blijkt dat mensen met een laag inkomen korter leven door factoren als ongezonder eten en slechtere woonomstandigheden.
Maar Liberia heeft zo zijn eigen risico’s. Zoals malaria. In 2010 werden bijna 1 miljoen gevallen van malaria gerapporteerd en 1422 sterfgevallen. Ook hiervoor geldt dat mensen die slechter wonen, bijvoorbeeld aan moerassen of in modderstraten een groter risico lopen. Het gebruik van een klamboe wordt alom gepropageerd, en terecht. Maar realiseer je dat het in Liberia altijd om zeven uur ’s avonds donker is. Mensen liggen dan nog niet in bed, maar zitten te kletsen of lopen rond, waarbij muggen vrij spel hebben.



Naar het buitenland

Met malaria en buiktyfus kunnen de dokters nog wel overweg. Maar als het gecompliceerder is, neemt het risico snel toe, zo verzekerde een Liberiaanse collega mij, nadat hij vertelde dat zijn zus op 29-jarige leeftijd was overleden na wat ogenschijnlijk ongevaarlijke buikklachten. Liberia heeft een van de hoogste cijfers doodgeboren kinderen en sterfgevallen in het kraambed. Geen wonder dat een vrouw die het zich maar even kan veroorloven in het buitenland gaat bevallen. Zoals in de VS, waarvandaan de receptioniste van ons kantoor een paar maanden geleden terugkwam met een kerngezonde baby in haar armen. Een andere collega verblijft al 5 maanden in de VS, omdat zijn hartklachten hier niet gediagnosticeerde en dus niet verholpen konden worden. Daar heeft hij een bypass operatie ondergaan. Maar dichter bij huis zijn ook Ghana, Kenya en Zuid-Afrika gewilde uitwijkplaatsen.
Voor Liberianen die het kunnen betalen is een ziekenhuis in het buitenland een uitkomst. Maar dat is voor de meesten niet weggelegd, en wie het wel kan betalen moet tijdig alert zijn, voor het te laat is. Zoals helaas bij Jasper Cummeh het geval was.

zaterdag 18 januari 2014

Geen woorden, maar daden!


De Nederlandse voetbalcompetitie en het Liberiaanse leven is weer begonnen. Zondag (19 januari) is de finale van de National County Football Meet in het Samuel Doe Sport Stadium. Dat is het meest populaire voetbalgebeuren in Liberia. De strijd gaat niet tussen clubs, maar tussen de vijftien county (= provincie) teams. Afgelopen week waren de halve finales in dit knock-out toernooi. Collega’s op mijn kantoor zaten aan de radio gekluisterd om te horen of het team van hun county de finale zou bereiken. Het is opvallend hoe sterk Liberianen gehecht zijn aan de provincie waar ze vandaan komen.  

Counties hebben niet alleen een geografische, maar ook een etnische, sociaal-culturele en linguïstische betekenis. Ik denk dat het te maken heeft met de geschiedenis van Liberia: een land dat nu bijna 200 jaar overheerst wordt door een Americo-Afrikaanse elite. De autochtone Liberianen hebben een haat-liefde verhouding met deze overheersing, maar hun roots upcountry koesteren ze. Goed, het gaat dus tussen de provincieteams van Nimba en Grand Bassa, ploegen die voor het laatst in 1990 in een finale tegenover elkaar stonden, zo begrijp ik van de website van de Liberiaanse voetbalbond. Het jaar waarin dictator Samuel Doe werd vermoord en de burgeroorlog begon. Maar daar had die finale niets mee te maken.

Invincible Eleven

Het Liberiaanse voetbalteam is geklommen naar de 97ste plaats van de FIFA-wereldranglijst. Een plek die ze met Botswana moet delen. Het is de hoogste notering sinds 2001 toen het voetbalgekke land tot de 66ste plek reikte. De regering (!) is zwaar bekritiseerd het laatste jaar door vele voetballiefhebbers, omdat het niet investeert in programma’s voor jeugdvoetbalteams. Er werd een heuse commissie ingesteld onder voorzitterschap van voetballegende George Weah, maar daar is verder niets meer van vernomen. Desalniettemin heeft ook de Liberiaanse voetbalsupporter dat unieke gen dat opportunisme met optimisme mengt. En dus verwacht men het komende jaar, alweer volgens de website van de bond, dat de ranglijst verder omhoog beklommen zal worden.  Dat zal niet in Brazilië gebeuren, want Liberia is kansloos uitgeschakeld voor het WK. 
 
George Weah, in 1995 verkozen tot wereldvoetballer van het jaar
 Het Liberiaanse elftal wordt, net als het Nederlandse, gedomineerd door spelers die in het buitenland voetballen, zij het in bescheidenere competities. Zweden, Polen, Denemarken, Roemenië en de VS, om enkele voorbeelden te noemen. Daar waar veel Afrikaanse landen een trainer uit Europa halen is dat niet hier het geval: de trainersstaf is louter Liberiaans.
Voor alle duidelijkheid: Liberia kent uiteraard ook een clubcompetitie - van drie divisies. De premier league telt 18 clubs met fraaie namen als de ‘Monrovia Black Stars’ en de ‘Mighty Blue Angels’. En wat te denken van de ‘Invincible Eleven’? Maar de competitie trekt nauwelijks toeschouwers. De Engelse premier league is honderd keer populairder.

Electoraal gevlij

Het politieke seizoen gaat ook weer beginnen. Huis en Senaat zijn terug van hun vijf (!) maanden durende ‘agricultural break’. De naderende halve senaats verkiezingen (van de 30 zetels – 2 per county – komen er 15 vacant) werpen hun schaduw ver vooruit. George Weah zal zich kandidaat stellen voor Montserrado, de provincie waarin Monrovia ligt, om zijn kansen te testen voor het presidentschap, dat eind 2017 vacant komt. Ook Prince Johnson, de moordenaar van Samuel Doe, zal na negen jaar (zo verontrustend lang duurt één termijn) weer campagne moeten voeren om zijn zetel te behouden. Hij is een omstreden politicus. Hij is uit zijn partij gegooid en uit de county caucus van Nimba. Dat is niet het finaleteam van zondag, maar de groep parlementariërs uit de provincie Nimba. De provinciebanden zijn sterker –en profijtelijker – dan de partijbanden. Parlementariërs vormen per provincies eigen groepjes, die het belang van hun provincie in Huis en Senaat proberen te behartigen. En volgens velen ook hun eigen belang, want ze zo’n caucus speelt ook een grote rol bij het gunnen van opdrachten en het verlenen van concessies. In Nimba is een burgercomité gevormd dat de herverkiezing van Prince Johnson wil verhinderen met als argument dat hij in negen jaar niets voor Nimba heeft bereikt. Ook in andere provincies wordt, volgens opgewonden krantenberichten, een hevige strijd gevoerd tussen kandidaten om in het electorale gevlij te komen. 

Prince Johnson
Verbale krachtpatserij

Net als in Nederland zullen de politici de komende maanden hun best doen om zich zelf in de kijker te spelen. Een mooie gelegenheid voor ons NDI-programma dat beoogt bruggen te slaan tussen actie- en belangengroepen en de parlementariërs. Zonder twijfel zullen vele deuren op Capitol Hill, waar ook in Liberia Huis en Senaat zijn gevestigd, voor de activisten openzwaaien. Een van onze belangrijkste activiteiten de komende jaren is het versterken van de parliamentary monitoring. Wat beloven de politici en wat voeren ze in werkelijkheid uit? Hoe vaak nemen ze een initiatief, nemen ze deel aan een debat, zoeken ze hun kiezers op? Wat beloven ze in Town Hall Meetings upcountry aan de mensen, en wat doen ze aan die beloften, eenmaal terug in Monrovia? Het kritisch laten volgen (door twee Liberiaanse organisaties die we ondersteunen)  van het parlement, en daar vervolgens de bevolking op allerlei manieren over informeren, wordt een van onze speerpunten, om zo de tegenstelling tussen verbale krachtpatserij en wat er nu in werkelijkheid gebeurt te doorbreken.
Geen woorden, maar daden, zoals ook het lied luidt van mijn club, waarvan ik hoop dat ze eindelijk weer eens kampioen worden.