zondag 13 augustus 2017

Stemmen vraagt veel van een kiezer in Liberia

Deze week toog ons team naar het noordwesten van Liberia om de provincie Gbarpolu te bezoeken. Althans dat was de bedoeling. Nu heerst in Liberia het regenseizoen, dat in mei/juni begint en doorloopt tot oktober/november. Als het regent komt het niet met bakken maar met containers uit de hemel. Het regent echter niet elke dag (wat wel vaak wordt gedacht). Nu had het in de week voor we naar Gbarpolu vertrokken behoorlijk geregend, maar een paar uur lang was de kortste route die we reden goed te doen. Uiteraard een onverharde weg, met veel kuilen, maar daar raak je aan gewend. Tot we toch op een over de weg stromende rivier stuitten, ongeveer een meter diep. Niet te doen dus. Motorfietsen werden nog wel door het water heen gedragen, maar auto’s konden niet verder. Omgekeerd dus en de alternatieve route, via Tubmanburg, genomen. Maar ook daar kregen we te horen dat deze weg onbegaanbaar was.

Hoog water op weg naar Gbarpolu
Op naar Robertsport

Plan B werd in werking gezet: op naar Grand Cape Mount, de provincie die aan de Atlantische Oceaan ligt en aan Sierra Leone grenst. De weg was te doen en aan het eind van de dag kwamen we aan in Robertsport, de provinciehoofdstad. Nou ja stad, een groot dorp, dat aan de oceaan ligt op weelderig begroeide hellingen. In het droge seizoen is het een gewilde surfplek en op het strand ligt het door expats bezochte Nana’s Lodge waar je een blokhut kunt huren.
In Robertsport spraken we met enkele politieke partijen, assistenten van de superintendent en de chef (magistrate) van de National Election Commission (NEC), die in Grand Cape Mount verantwoordelijk is voor het organiseren van de verkiezingen. En dat is geen sinecure. De voorbereidingen van de verkiezingen zijn al het hele jaar aan de gang. In januari en februari organiseerde de NEC, maar ook vele internationals NGO's waaronder NDI, met behulp van talloze burgergroepen, de voter education. Met affiches, maar vooral met megafoons, deur-tot-deur gesprekken en de community radiostations, worden de Liberianen voorgelicht hoe ze het moeten aanpakken willen ze in oktober hun stem kunnen uitbrengen.

Een ingewikkelde procedure

Allereerst moest je je in maart laten inschrijven in het kiezersregister. Anders kun je niet stemmen. Je  kreeg dan een kieskaart met foto, naam, id-nummer  enz. Vervolgens deed je er goed aan om in juni te controleren of je naam voorkwam op de kiezerslijsten, de foto de juiste is en de naam goed gespeld. Die kiezerslijsten liggen namelijk op verkiezingsdag, 10 oktober, in het stembureau en als op die lijst iets niet klopt (geen foto, naam fout gespeld), zou het stembureau moeilijk kunnen doen. Nu bleken de namen massaal fout te zijn gespeld, wat niet zo wonderlijk is als je bedenkt dat veel mensen niet kunnen lezen, schrijven of spellen, er 15 verschillende talen zijn en de NEC-medewerkers die het registratiewerk doen ook niet allemaal het beste onderwijs hebben genoten. In haar wijsheid besloot de NEC dan ook dat iedereen die een kieskaart met een goede foto heeft op 10 oktober kan stemmen, ongeacht of de naam goed of fout is gespeld.
Vervolgens kunnen de kiezers die hun stemkaart zijn kwijtgeraakt een nieuwe kaart ophalen in een zogenaamd replacement center, waar  elk van de 73 kiesdistricten er één of enkele van heeft. Dat was deze week.
Deze hele ingewikkelde procedure moeten de Liberianen dus goed tussen de oren krijgen. Dat vergt een maandenlang volgehouden voorlichtingscampagne. De chef van de NEC in de desbetreffende provincie is er verantwoordelijk voor dat al die activiteiten (registratie, kieslijstcontrole en het verkrijgen van een nieuwe stemkaart) goed verlopen.

Collega Loka (links) en de magistrate van Roberstport en zijn assistent
Niqab af

Het hoeft geen betoog dat er, ondanks alle inspanningen, er toch geregeld wat misging tijdens de registratie van kiezers. Zo werkte een camera soms niet, of de printer van de kieskaart. Dan moesten de mensen de volgende dag terugkomen, terwijl ze soms uren hebben gelopen om zich te kunnen registreren. Sommige registratiebureaus gingen te laat open of de juiste formulieren ontbraken. Er waren klachten over inwoners van Sierra Leone die tot dezelfde stam behoren als Liberianen in het grensgebied en de grens overkwamen om zich te registeren. Moslima’s zouden gedwongen zijn voor de foto hun niqab af te doen. Dat neemt niet weg dat over het algemeen volgens waarnemers de registratie redelijk goed is verlopen en de NEC haar werk al een stuk beter heeft gedaan dan in 2011.

Lang wachten voor een stemkaart

Ons team sprak deze week ook met de twee  magistrates die Montserrado bestieren, de provincie waarin Monrovia ligt. Het bleken bevlogen, ervaren professionals te zijn die een pittige taak hebben, realistisch genoeg zijn om te weten dat er toch allerlei problemen zullen opduiken, die ze het hoofd moeten bieden.
In de hoofdstad spraken we met (kandidaat-)parlementariërs, lokale verkiezingswaarnemers en de Slum Dwellers Organisation van Liberia, die in de slopenwijken van Monrovia mensen motiveren om hun stemrecht te gebruiken.
We bezochten in Grand Cape Mount, Bomi en Monserrado een elftal replacement centres. Begin deze week was het er erg stil, maar in de loop van de week kwamen er steeds meer mensen opdagen om een nieuwe stemkaart te krijgen. Een enkeling die vergeten was zich in maart te registreren, probeerde het nu alsnog, maar stootte zijn neus. Zijn (het waren altijd mannen) naam stond immers niet op de kiezerslijst. Er kwamen trouwen twee keer zoveel meer mannen dan vrouwen een nieuwe stemkaart halen. Blijkbaar is de (Liberiaanse?) man een stuk slordiger.
Op zaterdag kwamen de meeste mensen. Wij bezochten die dag twee centers in Monrovia. In het centrum stonden een stuk of twintig mensen vreedzaam in de rij om het begeerde document te krijgen. In de slum New Kru Town was het vrij chaotisch. Zo’n veertig mensen stonden om de tafel van de drie NEC-medewerkers heen. Veel geschreeuw en verontwaardiging. De medewerkers zouden te laat verschenen zijn en sommige mensen hadden gisteren ook al tevergeefs staan wachten. Bovendien was er in deze dichtbevolkte wijk slechts één replacement centre voor de ruim 40.000 geregistreerde kiezers.

Intussen reed de verkiezingskaravaan van een CDC-kandidaat langs, de oppositiepartij van George Weah die veel kiezers uit de sloppenwijken trekt. Honderden jongeren op een truck en in auto’s erachter. Harde muziek en veel gelach. De verkiezingscampagne komt langzaam op stoom.

Deel van de CDC Verkiezingskaravaan in New Kru Town

zondag 6 augustus 2017

De verkiezingscampagne is begonnen

Deze week is de verkiezingscampagne in Liberia officieel begonnen. Afgelopen maandag werd het startschot gegeven en ogenblikkelijk was de hoofdstad Monrovia op alle mogelijke en onmogelijke plekken behangen met affiches van de belangrijkste kandidaten voor het presidentschap. In willekeurige volgorde zijn dat: Benoni Urey (eigenaar van LoneStar, naar verluid rijkste man van Liberia, mobiele telefonie provider, leider van de om hem heen opgerichte All Liberian Party), George Weah (oud wereldvoetballer en leider van de Coalition for Democratic Change), Joseph Boakai (vice-president, leider van de regerende Unity Party), Charles Brumskine (Liberty Party) en Alexander Cummings (oud-CocaCola bestuurder, leider van het ANC, Alternative National Congres).


 De imam en de megafoon

Maar er zijn ook parlementsverkiezingen. Het House of Representatives telt 73 leden, die in evenzovele kiesdistricten worden gekozen volgens het ‘first-pass the post’ systeem. Er is geen meerderheid nodig, wie de meeste stemmen behaalt, heeft de zetel.
We togen deze week naar de provincie Bomi, die drie kiesdistricten telt. Hoofdstad is Tubmanburg, genoemd naar William Tubman, de langstzittende president van het land (1944-1971). We spraken er met allerlei mensen. De superintendent, die wordt benoemd door de president en praktisch zonder budget en ambtelijke ondersteuning de provincie moet ‘besturen’, gaf ons de verzekering dat hij er alles aan deed om de verkiezingen vreedzaam te laten verlopen. De imam, die met een megafoon dorpen was ingetrokken om de bewoners aan te moedigen zich als kiezer te registreren. De vertegenwoordigster van een gehandicaptenorganisatie, die erop toe ziet of er rekening wordt gehouden in de stembureaus dat er blinden zijn die hulp bij het stemmen nodig hebben. De jonge vertegenwoordiger van de ECC, een Liberiaanse organisatie die, ondersteund door NDI, lokale verkiezingswaarnemers traint om op de verkiezingsdag in stemlokalen de gang van zaken te observeren.

Voice of the disabled

En we spraken met journalisten van twee radiostations. Liberia telt vele tientallen ‘community radiostations’. De radio is het belangrijkste medium. Kranten worden buiten de hoofdstad Monrovia nauwelijks verspreid en gelezen, de Liberiaanse staat TV is van povere kwaliteit en is onzichtbaar in het publieke debat. De radio daarentegen wordt veel beluisterd, met name ook op telefoons, en elk station heeft vermakelijke praatprogramma’s met vaak zeer gevatte presentatoren die ook opbellers aan het woord laten. Politici of partijen hebben vaak een eigen radiostation. In Tubmanburg spraken we met Radio Bomi, dat eigendom is van de ‘community’, onpartijdig is en veel aan de verkiezingen doet met, inderdaad, praatprogramma’s en speciale doelgroep programma’s, zoals de ‘voice of the disabled’.


We spraken ook met radio Pumah, dat eigendom is van Edwin Snowe, die kandidaat is in Tubmanburg voor de regerende Unity Party. Hij heeft er blijkbaar veel geld in gestoken, want het station beschikt over een fraai kantoor en de journalisten rijden in goede, ruim met affiches beplakte, auto’s rond. Ook de manager van dit station beweerde onpartijdig verslag te doen van de verkiezingen, een opmerkelijke geloofsbelijdenis. Beide stations zenden (betaalde) jingles uit van kandidaten en ook kan er, zoals op elk radiostation in Liberia, zendtijd worden gekocht.

Let is Snowe

Over de kandidatuur van Edwin Snowe is het laatste woord nog niet gezegd. Hij is namelijk op dit moment al lid van het parlement, zij het voor een district in Monrovia. En aangezien voor een parlementslid geldt dat hij in zijn district moet wonen, maar dat deze regel eveneens geldt voor iemand die zich kandidaat stelt, lijkt het erop dat hij op twee plekken domicilie heeft. En dat kan niet volgens senator Sando Johnson, eveneens uit Bomi, van de oppositionele National Patriotic Party (NPP), die deel uit maakt van de Coalition voor Democratic Change. De leidster van deze NPP is de ‘running mate’ van George Weah: Jewel Howard-Taylor, ex-vrouw van Charles Taylor, oud-president van Liberia, die in Engeland zijn straf van 50 jaar uit zit.


Johnson heeft dan ook bij de kiesraad beroep aangetekend tegen de kandidatuur van Snowe. Deze heeft inmiddels heel Tubmanburg met affiches laten volplakken (leuze: Let it Snowe) en zit met  een opvallend campagnekantoor aan de hoofdstraat. Op radio Bomi hoorde ik een boze senator Johnson, tevens eigenaar van een hotel in Tubmanburg, zich opwinden over de kandidatuur van Snowe. Hij introduceerde een nieuwe leuze ‘Stop Snowe’. Tussen neus en lippen beschuldigde hij Snowe ervan wapens op zijn boerderij in Bomi te verbergen. De volgende dag hoorde ik op radio Pumah een aantal commentaren langs komen die het voor Snowe opnamen. Hoezo onpartijdige radiostations? Beide kemphanen hebben overigens te kennen gegeven zich bij de uitspraak van de kiesraad neer te leggen. Dat is mooi, want vreedzame verkiezingen heeft Liberia meer dan ooit nodig.